17-02-10

Het verdriet om zijn broer.

100_0365

Hij werkt in weer en wind tussen de fruitbomen.

Klein, breed, werkershanden aan zijn lijf.

Plant bomen op de akkers van voordien.

Zet er staken, spant er draad en snoeit.

Geniet van de bloesems, dunt om te laten dikken.

Besproeit, bemest, maait en dan de boekhouding nog.

Tussen de bedrijven rondom 't Boeckhout.

Plukt en stockeert en koelt zijn opbrengst.

Kisten klaarmaken voor transport, sorteren.

Vervoer naar de veiling.

Familie mobiliseren als broodnodige hulp.

Hij praat op een hele zachte stille toon,

warm contrast met zijn ruwe uiterlijk.

Plots zie ik hem staan naast de open kist van zijn broer.

Met tranen in zijn ogen.

Nee, niemand verdient zo lang vechten tegen een vreselijke ziekte.

Waar zijn die ravottende jongens van vroeger ?

Naasten kunnen ze de droeve dingen van zich afzetten ?

Echt slijten doen ze niet.

Dichter bij de ziel komen doet soms té pijn.

Op andere momenten kan het heerlijk zijn.

c.o.

17:15 Gepost door combination in gedichten | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rouw |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.